Skip to content
✓ Meer dan 45 jaar ervaring voor al uw tuinhout en palen
✓ Nieuwe catalogus 2026 beschikbaar! Mail naar info@prindalhout.com

Advies

Schapendraad: Welke soorten zijn er en wat is het verschil?

Schapendraad: welke soorten zijn er en wat is het verschil?

Schapendraad, ursusdraad of schapengaas: wat is nu precies het verschil?
Schapendraad is een populaire keuze voor het veilig omheinen van weides, tuinen en dierenverblijven. Maar welke soorten zijn er, en hoe kies je de juiste draad voor jouw toepassing? In deze gids leggen we het uit. 

Wat is schapendraad?

Schapendraad is een geknoopt gaas dat vaak gebruikt wordt voor het afbakenen van weides en terreinen. Bij de klassieke ursusdraad lopen de mazen trapsgewijs op: onderaan klein, bovenaan groter. Dat maakt het geschikt voor schapen of kleinvee, maar minder uniform van structuur.

Bij de moderne Crapal® draad daarentegen zijn de mazen volledig vast: elke opening heeft dezelfde afmeting: bijvoorbeeld 5 cm, 7,5 cm of 15 cm.
Dat zorgt voor een consistent uitzicht en maakt het draad ook geschikt voor kleinere dieren zoals kippen, eenden, honden of konijnen. De vaste maasverdeling voorkomt bovendien dat dieren met hun kop vast komen te zitten.

Dankzij de Crapal® aluzinkcoating (zink + aluminium) is de draad uitzonderlijk goed bestand tegen roest, zelfs in vochtige of zoute omgevingen.

Welke soorten schapengaas bestaan er?

1. Licht schapengaas
=> Geschikt voor kleine dieren en lichte omheiningen.

  • Draaddiameter: kop- en voetdraad 2.4 mm / overige draden 1.9 mm

  • Hoogtes: 100 cm, 120 cm, 145 cm

  • Toepassingen: kippen, konijnen, eenden

2. Zwaar schapengaas

=> Voor schapen, geiten of ezels.

  • Draaddiameter: kop- en voetdraad 3.0 mm / overige draden 2.4 mm

  • Hoogtes: 100 cm, 120 cm, 140 cm

  • Toepassingen: schapen, geiten, lama’s

3. Extra zwaar schapengaas

=> Voor paarden, herten of wild.

  • Draaddiameter: kop- en voetdraad 3.7 mm / overige draden 3.0 mm

  • Hoogtes: 117 cm (17 horizontale draden), 140 cm

  • Toepassingen: schapen, paarden, pony’s, herten

Crapal® draad met vaste mazen (5 – 7,5 – 15 cm)
Deze draad onderscheidt zich van klassieke ursusdraad door de vaste maasstructuur.
Elke opening heeft een identieke afmeting, wat zorgt voor een bijzonder stabiel en duurzaam resultaat.

Voordelen:

  • Alle mazen even groot – geen oplopend patroon

  • Keuze uit verschillende maaswijdtes (5, 7,5 of 15 cm)

  • Sterk en roestvrij dankzij aluzinkcoating

  • Lange levensduur, zelfs bij vochtige bodem

  • Veilig voor zowel kleinvee als grotere dieren

Crapal® draad is daardoor geschikt voor schapen, geiten, kippen, eenden, konijnen en paarden : een veelzijdige oplossing voor wie één type draad wil gebruiken voor verschillende diersoorten.

Ontdek ons volledig aanbod schapendraad en schapengaas in verschillende hoogtes en draaddiktes op onze productpagina —> bekijk hier alle modellen.

Aanspanning en afwerking van schapendraad

Een correcte spanning is essentieel om het draad strak te houden en doorhangen te vermijden.
Hiervoor kun je een klassieke draadspanner gebruiken, maar ook moderne systemen zoals Gripple® zijn erg interessant.

Een Gripple-tensioner combineert het opspannen en verbinden van draden in één stap.
Het systeem vergrendelt automatisch, kan later opnieuw aangespannen worden en bespaart veel tijd bij de plaatsing.
Bovendien blijft het resultaat strak, ook bij temperatuurverschillen of lichte verzakking van de palen.

Wie kiest voor duurzame draad zoals Crapal® met vaste maaswijdte, merkt dat een Gripple-oplossing de kwaliteit van de omheining mooi aanvult: minder onderhoud, langere levensduur en een perfect afgewerkt resultaat.

Hoe schapendraad plaatsen?

Stap 1: Een goede voorbereiding is essentieel

Voor je ook maar één paal in de grond zet, is het belangrijk om eerst het traject van je afsluiting duidelijk te bepalen. Dit doe je het best door een touw te spannen tussen piketten. Zo zie je exact waar de draad zal komen en vermijd je dat je achteraf moet corrigeren.

Tijdens deze fase denk je best ook al na over hoeken, eventuele poorten en de vorm van het terrein. Zeker bij hellingen of oneffen ondergrond loont het om vooraf goed te plannen, zodat je later geen openingen krijgt onderaan de draad.

Stap 2: Stevige hoekpalen maken het verschil

De hoek- en eindpalen vormen de ruggengraat van je afsluiting. Hier komt namelijk de meeste spanning op te staan zodra je de draad opspant. Daarom moeten deze palen absoluut stevig geplaatst worden.

Graaf hiervoor gaten van ongeveer 50 tot 60 cm diep en zorg ervoor dat de palen perfect recht staan. Je kan de grond goed aanstampen, maar voor maximale stevigheid wordt vaak beton gebruikt. Bij langere afsluitingen of scherpe hoeken is het sterk aangeraden om met een schoorpaal of spanconstructie te werken, zodat de paal niet naar binnen wordt getrokken.

Stap 3: Tussenpalen correct uitlijnen

Wanneer de hoekpalen stevig staan, kan je de tussenpalen plaatsen. Die zet je langs de gespannen lijn, zodat alles mooi recht blijft.

De afstand tussen de palen ligt meestal rond de 2 à 2,5 meter. Dit zorgt voor een goede balans tussen stevigheid en efficiënt materiaalgebruik. Neem tijdens het plaatsen de tijd om telkens even te controleren of de palen recht staan en op gelijke hoogte zitten. Dit heeft een grote invloed op het eindresultaat.

Stap 4: De schapendraad rustig uitrollen

Daarna kan je de schapendraad uitrollen langs de geplaatste palen. Begin altijd aan een hoekpaal en werk geleidelijk verder. Het is belangrijk om dit rustig te doen, zodat de draad niet verdraait of beschadigd raakt.

Let er ook op dat je de draad correct plaatst. Bij de meeste soorten schapendraad zitten de kleinere mazen onderaan, wat helpt om te voorkomen dat dieren onder de afsluiting doorglippen.

Stap 5: De draad stevig bevestigen aan de start

Zodra de draad op zijn plaats ligt, bevestig je het begin stevig aan de eerste hoekpaal. Afhankelijk van het type paal werk je met krammen, klemmen of bevestigingshaken.

Het is belangrijk dat de draad goed vastzit, maar zonder dat je de structuur beschadigt. Een correcte bevestiging zorgt ervoor dat je later zonder problemen spanning kan opbouwen.

Stap 6: De draad op de juiste spanning brengen

Het opspannen van de schapendraad is een van de belangrijkste stappen in het hele proces. Een draad die te los hangt, oogt slordig en biedt minder stevigheid. Een draad die te strak staat, kan dan weer palen scheeftrekken of beschadigen.

Gebruik daarom een draadspanner of trekveer om de draad geleidelijk op spanning te brengen. Je merkt dat de spanning goed zit wanneer de draad mooi recht loopt zonder door te hangen, terwijl de palen stabiel blijven staan.

Bij langere trajecten is het bovendien sterk aangeraden om met spandraden te werken. Die zorgen voor extra ondersteuning en helpen om de draad nog strakker te houden.

Stap 7: Bevestigen aan de tussenpalen

Wanneer de draad correct gespannen is, bevestig je hem aan de tussenpalen. Bij houten palen gebruik je krammen die je niet volledig dicht slaat, zodat de draad nog licht kan bewegen.

Door deze stap zorgvuldig uit te voeren, voorkom je dat de draad later loskomt of begint te hangen.

Stap 8: Afwerking en controle

Als laatste stap controleer je de volledige afsluiting. Loop het traject af en kijk of alles stevig staat en mooi gespannen is.

Werk uitstekende stukken draad netjes af en controleer of er nergens openingen zijn. Een kleine correctie op dit moment kan later veel problemen voorkomen.

Veelgemaakte fouten bij het plaatsen van schapendraad

Hoewel het plaatsen van schapendraad vrij rechttoe rechtaan lijkt, worden er vaak dezelfde fouten gemaakt. Zo worden palen soms te ver uit elkaar geplaatst, waardoor de draad onvoldoende steun krijgt. Ook zwakke hoekpalen zorgen regelmatig voor problemen, omdat ze de spanning niet aankunnen.

Daarnaast wordt de draad vaak te los of net te strak gespannen, wat de levensduur van de afsluiting negatief beïnvloedt. Tot slot vergeten veel mensen de onderzijde goed te verankeren, waardoor dieren alsnog onder de draad kunnen kruipen.

Veelgestelde vragen over schapengaas

Wat is het verschil tussen ursusdraad en Crapal® draad?
Ursusdraad heeft oplopende mazen, Crapal® draad heeft overal dezelfde maaswijdte (5, 7,5 of 15 cm). Crapal® is bovendien beter bestand tegen roest.

Hoe lang gaat schapendraad mee?
Gemiddeld 15 tot 25 jaar, afhankelijk van de coating. Crapal® draad met aluzinkcoating gaat merkbaar langer mee.

Hoe wordt schapengaas geplaatst?
Gebruik stevige kastanje- of robinia palen met een tussenafstand van 2 à 2,5 meter. Span het draad met een draadspanner of Gripple-systeem voor een strak resultaat.

Welke palen kies ik bij schapengaas?

  • Kastanje palen: natuurlijk, rustiek, duurzaam (15–20 jaar)

  • Robinia palen: extreem duurzaam (25+ jaar), sterker dan kastanje

Conclusie: welk schapendraad kies jij?
Voor kleine dieren of lichte omheiningen → licht schapengaas
Voor schapen en geiten → zwaar schapengaas
Voor paarden, herten of wild → extra zwaar schapengaas
Wil je één type draad dat geschikt is voor verschillende dieren én uitzonderlijk lang meegaat? Kies dan voor Crapal® draad met vaste mazen (5, 7,5 of 15 cm) – strak, veilig en duurzaam.

Combineer altijd met de juiste houten palen en overweeg een Postsaver om houtrot te voorkomen.

Bekijk hier ons aanbod schapengaas kopen

 

Thanks for subscribing!

This email has been registered!

Shop the look

Choose Options

Edit Option
this is just a warning
Inloggen

Ben je een professional?

Professional account aanmaken
Shopping Cart
0 items